Even heb ik er bij stil gestaan op 1 maart 2015: was het een jaar eerder dan écht de laatste keer dat ik mijn goede vriend Hanno heb gezien? Tijdens het oberen op de carnavalszaterdagavond bij de bewoners van ‘Het Laar’ in Tilburg? De foto van toen staat nog op mijn mobiel. Ook nog wat oude sms-jes. Ook staat hij in mijn contactenlijst terwijl zijn mobiele nummer al lang weer is uitgegeven aan iemand anders. Deleten doe hem ik niet. Nog niet. Eerst maar eens duidelijkheid hebben.
Zondagochtend, 13 april 2014: gemiste oproep van zijn vrouw en berichtje dat ik dringend contact op moet nemen. Of ik misschien iets van Hanno heb gehoord of weet, want hij is spoorloos; niet thuisgekomen en onbereikbaar. Wat er daarna vervolgens allemaal gebeurt kan de meest beroerde en doorgesnoven scriptschrijver nog nauwelijks bedenken. Een paar uur later hoor ik dat de auto is gevonden. Leeg. Ik had geen idee dat die dag het begin zou worden van een raadsel dat nu nog steeds voort duurt.
Het gaat snel; dinsdag ben ik met mijn vrouw in Amersfoort voor steun en spoedoverleg. De kinderen van Hanno snappen het niet, wat doen al die mensen hier? Er is toch niemand jarig? En waar is Papa?? Grootouders springen bij met morele steun, boodschappen doen en koken. Vanuit Amersfoort op weg naar huis rijd ik terug via de Pyramide van Austerlitz. Ik wil hem vinden; voelen wat er op die plek is gebeurd; hoop dat hij aan komt lopen. Ik hoor kinderen schreeuwen en ren er keihard op af; ik denk dat ze iets gezien of gevonden hebben. Nee, ze spelen gewoon zoals kinderen spelen en gillen in bossen. Ik loop terug naar mijn auto; ondertussen al mijn voelsprieten open om maar een vaag signaal op te kunnen vangen.
De politie heeft dan al gezocht in het gebied, op de zondag en de maandag. Zonder succes. Vrienden, familie en collega’s willen graag helpen en op weg naar huis komt het telefoontje van de politie dat ze instemmen met een zoektocht en mankracht hebben om ons op de achtergrond te begeleiden. De volgende ochtend verzamelen we op de parkeerplaats bij de pyramide. Het is ongelofelijk dat binnen minder dan 24 uur meer dan 50 mensen met oranje en gele hesjes, vanuit het hele land gekomen; met bedrukte gezichten klaar staan om de bossen in te trekken. Ik overleg met politie, boswachters en coördineer teams en locaties. Vanaf de bumper van een auto sta ik iets hoger, ben ik beter zichtbaar en verstaanbaar en vertel ik het plan, wat we gaan doen en hoe er gereageerd moet worden mocht er iets gevonden worden. Ik zie hoe SBS6 de camera op me richt en weet dat de nationale TV en schrijvende pers een hoop aandacht aan deze verdwijning geeft. Het moet maar; alles voor een snelle oplossing van dit rare verhaal.
Met lood in mijn schoenen en een macaber en angstig gevoel trekken we de bossen in. Stap, kijk, check je positie, ligt of hangt er iets vreemds? Niets, soms wat zwerfvuil, soms een opspringend hert dat vlucht voor dat rare oranje-gele lint van mensen die door zijn leefgebied trekken. Naarmate de dag verstrijkt worden we wat vrolijker; als je niks vindt is de kans dat hij nog ergens levend is natuurlijk des te groter. Het is een mooie lentedag en het bos begint weer lichtjes groen te kleuren.
Er volgen in de weken en maanden daarna nog meer zoektochten, flyeracties, speurhonden, sponsorlopen en benefietconcerten. De FB pagina wordt goed bekeken en gevolgd; de website is in de lucht met foto’s, downloads, achtergronden en uitleg. We krijgen tips uit het hele land en spelen deze door aan de politie. Mensen die dingen ‘zien’ en ‘voelen’ voeden ons met hun beelden en gevoelens. Vele scenario’s trekken voorbij, alles op het gebied van relaties, werk en financiën wordt als mogelijke oorzaak gemeld. Maar geen hele duidelijke tip, aanwijzing of waarneming. Aandacht vasthouden is het devies; en naarmate de tijd verstrijkt zoeken we ook financiële steun voor juridische bijstand en het dekken van de kosten die gemaakt worden.
Maar de tijd verstrijkt en het leven gaat door. Zijn kinderen gaan naar de volgende school; verjaardagen en feestdagen worden ‘gewoon’ gevierd of bewust ontweken. Hanno is terugkerend onderwerp van gesprek bij je eigen familie en vrienden die meeleven en willen weten of er al iets meer bekend is. Ons kleine coördinatieteam met daaromheen nog een schil van vele vrijwilligers komt regelmatig bij elkaar in Huize Hanno. Onze aandachtspunten: proberen op allerlei manieren aandacht vast te houden, de politie te steunen en motiveren en te kijken wat we voor het gezin kunnen en moeten doen.
Zijn vrouw gaat door; vindt de kracht om door te gaan in het wel en wee van haar kinderen. Ze blijft 1e aanspreekpunt voor de politie en spendeert vele uren aan de doorzoeken van haar eigen huis; spullen, documenten; alles wordt bekeken. Instanties blijken een enorm obstakel te vormen; belastingdienst, ziektekostenverzekeraars en andere organisaties zijn op geen enkele manier op de goede manier in beweging te krijgen omdat er simpelweg geen expertise is hoe om te gaan met mensen die verdwijnen. Wie weet komt er ooit nog een boek; de anekdotes worden al verzameld: “Oh mevrouw U weet niet waar hij is? Dan starten we toch gewoon een woonplaats onderzoek”
Ook ik ga door; je moet wel. Je blijft denken, piekeren en peinzen wat er toch gebeurd zou kunnen zijn en komt telkens weer bij 3 scenario’s: misdrijf, vrijwillige verdwijning of zelfdoding. Ik ken Hanno bijna 30 jaar. We hebben samen gestudeerd, gewerkt, een huis gedeeld en vakanties gevierd. Gehuild, gelachen, gefeest en gerouwd. Ik was er bij toen hij zijn vrouw leerde kennen, hij was getuige op mijn huwelijk en is peetoom van 1 van mijn kinderen.
Je twijfelt aan je eigen inschattingsvermogen. Had ik iets moeten merken? Heb ik geen signalen gemist? Waren de laatste contacten misschien te oppervlakkig? Was er iets dat hij wilde zeggen tijdens dat laatste telefoongesprek 2 dagen voordat hij verdween?? Bén ik wel 1 van zijn beste vrienden en waarom heeft hij me dan niet in vertrouwen genomen mocht het zo zijn dat bepaalde dingen niet zo lekker liepen? Dat vreet aan je. Niet alleen aan mij maar aan iedereen in zijn directe omgeving. Je voelt schuld en een hoop frustratie tegelijkertijd. Terecht of onterecht, wie zal het zeggen. Boosheid, onbegrip en medelijden vechten om plek 1 in je emotie top-3. Niemand weet of hetgeen er rond die 12/13 april is gebeurd zijn eigen al dan niet bewuste keuze is geweest of dat er andere mensen zijn geweest die hem om welke reden dan ook hebben laten verdwijnen.
Soms duikt hij op in mijn dromen. Met zijn typische, wat schaapachtige lachje, in goede gezondheid. Met de smoes dat hij ‘even wat tijd voor zichzelf nodig had’. Als die droom zich ooit en werkelijkheid voltrekt zou ik hem eerst verrot slaan en vervolgens knuffelen. Of andersom. Ik weet het niet.
De toekomst? Vaag; ook hier 3 scenario’s die op de proppen komen: Hij leeft ergens op deze aardbol en heeft wel of geen goede verklaring waarom hij vertrokken is. Of hij heeft zelfdoding gepleegd, waarvan ik denk dat je ziek in je hoofd of je lijf moet zijn om die stap te zetten. Laatste en meest onbevredigende optie is dat we het nooit te weten komen.
Het zou heel fijn zijn als er duidelijkheid zou zijn. Pas dan kun je dingen misschien in het juiste perspectief zien en het de goede plaats geven